Op 2 december 2025 werd binnen KIK-V (Keteninformatie Kerngegevens Verbeteren) voor het eerst daadwerkelijk data uitgewisseld tussen zorgaanbieders en zorgkantoren. Geen testomgeving meer, maar een live uitwisseling met echte organisaties, echte data en alle betrokken partijen in dezelfde ruimte. Hetty Mac Leod, projectleider KIK-V bij zorgorganisatie Mijzo, en Marleen Bosmans, zorginkoper bij CZ zorgkantoor, staan daar vanuit hun eigen rol bij stil. Tegelijkertijd kijken zij vooruit naar 2026, waarin de betekenis van deze gegevensuitwisseling zichtbaar moet worden.
December als kantelpunt
Voor Hetty markeert 2 december vooral het moment waarop duidelijk werd wat gegevensuitwisseling in de praktijk vraagt. Niet alleen technisch, maar vooral organisatorisch. “Je ziet pas echt waar het schuurt als je het samen met andere zorgaanbieders doet,” zegt ze. Definities blijken minder vanzelfsprekend dan op papier, net als de aansluiting tussen systemen en dagelijkse werkprocessen.
Ook vanuit het perspectief van het zorgkantoor was die dag meer dan een technische stap. Marleen herinnert zich vooral de gezamenlijke energie. Zorgaanbieders waren aanvankelijk vooral bezig met hun eigen data, maar gaandeweg groeide het besef dat uniforme aanlevering ook regionaal iets kan opleveren: beter zicht op patronen, gezamenlijke vraagstukken en een inhoudelijker gesprek.
Van verantwoorden naar vooruitkijken
Wat beide perspectieven verbindt, is het besef dat KIK-V niet alleen draait om verantwoording achteraf. Bij Mijzo leidde de voorbereiding op de uitwisseling tot een scherpere blik op de eigen informatiehuishouding. Hoe lopen datastromen door de organisatie? Waar sluiten definities aan en waar niet? Juist die vragen bleken essentieel om collega’s mee te krijgen.
Volgens Hetty zit daar de echte toegevoegde waarde. Als data niet herkenbaar is voor de organisatie zelf, verdwijnt het gebruik al snel weer naar losse Excel-overzichten. Door te werken met gezamenlijke definities en afspraken wordt datagedreven werken ook intern sterker verankerd.
Na de eerste uitwisseling merkt Marleen dat het perspectief verschuift. Waar zorgaanbieders zich eerder vooral richtten op het aanleveren van data, ontstaat nu vaker de vraag wat het zorgkantoor met die informatie gaat doen. Voor haar hoort die vraag bij deze fase. “Als zorgaanbieders leveren, moeten wij ook laten zien hoe we die data gebruiken.”
Het hoofdlijnenakkoord als vliegwiel
De opname van KIK-V in het Hoofdlijnenakkoord Ouderenzorg (HLO) gaf in 2025 extra gewicht. Voor Mijzo betekende dit dat gegevensuitwisseling niet langer een project aan de rand van de organisatie was, maar onderdeel werd van het strategische gesprek. Data wordt daarmee niet alleen een verantwoordingsinstrument, maar ook een basis voor gesprekken over ontwikkeling en toekomst.
Bij CZ zorgkantoor kreeg KIK-V door de opname in het akkoord een stevigere plek. Het akkoord benadrukte het belang van eenduidige gegevensuitwisseling en maakte duidelijk dat van zorgaanbieders wordt verwacht dat zij hiermee aan de slag gaan. Marleen ziet dit als een vliegwiel: zorgaanbieders die al stappen zetten, kunnen anderen meenemen. “Het werkt alleen als je het samen doet, niet als iedereen het individueel moet uitvinden.”
Versnelling vraagt meer dan techniek
Vanaf 2025 is de versnelling van KIK-V ingezet. Voor Mijzo kwam die versnelling vooral neer op duidelijke keuzes: bestuurlijk mandaat, vrijgemaakte capaciteit en regionale afspraken. Zonder die randvoorwaarden zou KIK-V volgens Hetty snel verzanden in ‘erbijwerk’.
Vanuit CZ zorgkantoor bezien was 2025 vooral een voorbereidend jaar. De echte versnelling moet in 2026 plaatsvinden, wanneer duidelijker wordt hoe de uitgewisselde data structureel wordt gebruikt en teruggekoppeld.
Vooruitblik op 2026
In 2026 start KIK-V met een grootschaliger ondersteuningsaanbod voor implementatie. Voor zorgaanbieders die nog aan het begin staan, kan dat het verschil maken tussen aarzelen en daadwerkelijk aansluiten. Voor organisaties die al verder zijn, ontstaat ruimte om door te bouwen.
Voor Mijzo ligt de focus op borging. De pilotfase maakt plaats voor vaste processen, waarbij KIK-V onderdeel wordt van de reguliere manier van werken. Dat betekent ook: data cyclisch (en dus continu) gebruiken, leren, analyseren en verbeteren.
Bij CZ zorgkantoor verschuift de aandacht naar het daadwerkelijk benutten van de data. Niet alleen om te verzamelen, maar om terug te geven: in gesprekken, in inzicht en in gezamenlijke duiding. Denk aan actuele thema’s in de Wlz-zorg en aan tijdig zicht op financiële ontwikkelingen. “Dat lukt alleen als voldoende zorgaanbieders meedoen,” zegt Marleen. “Dan wordt de data betrouwbaarder en het gesprek inhoudelijker.”
Uitwisselprofielen met betekenis
Beide partijen benadrukken het belang van uitwisselprofielen die aansluiten bij de praktijk. Niet eindeloos blijven hangen in technische indicatoren, maar profielen ontwikkelen die iets zeggen over capaciteit, toegankelijkheid en ontwikkeling van zorg.
Volgens Hetty is herkenbaarheid daarbij cruciaal. Marleen sluit daarbij aan: juist bredere profielen rond inkoopondersteuning en beleidsontwikkeling maken het mogelijk om data echt te gebruiken in regionale gesprekken.
Onderdeel van het dagelijks werk
Voor Hetty ligt succes in 2026 vooral in borging. “Als KIK-V straks gewoon onderdeel is van ons dagelijks werk, en we niet meer terugvallen op losse lijstjes of Excel, dan is het voor mij geslaagd.”
Bij CZ zorgkantoor ligt de nadruk op continuïteit en dekking. Voor CZ zorgkantoor is KIK-V eind 2026 geslaagd wanneer zorgaanbieders die met ondersteuning zijn gestart periodiek data uitwisselen en hun ervaringen delen in de regio. Het vliegwiel moet gaan draaien, zodat in 2027 verdere opschaling mogelijk wordt.